VIVET in de praktijk

VIVET in de praktijk

Waar blijft landelijk loket energietransitie?

 

In 2019 stelden het Kadaster, het Centraal Bureau voor de Statistiek, het Planbureau voor de Leefomgeving, de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland en Rijkswaterstaat VIVET op, een plan voor de informatievoorziening rondom de energietransitie. Wat is de stand in 2021?

Door Remco Takken

Factsheet Samenwerking Markt & Overheid in de RES.

 

In 2019 was er nog nauwelijks informatie voor de energietransitie beschikbaar die was toegesneden op de informatiebehoefte. Allerlei partijen willen immers bijdragen aan een klimaatneutrale samenleving. Onder de noemer ‘Verbetering van de Informatievoorziening voor de Energie-Transitie’ (VIVET) beschreven de betrokken partijen enkele volgens hun nodige én haalbare voorstellen. Het document VIVET is opgesteld op verzoek van de ministeries van EZK en BZK.

Informatiebehoefte
Communicatie rondom de energietransitie kent verschillende doelgroepen. Gemeenten (en hun adviseurs) hebben informatie nodig voor het ontwikkelen van Transitievisies Warmte. Regio’s hebben data nodig om een regionale energiestrategie (RES) op te kunnen stellen. Netbeheerders moeten de energie-infrastructuur op orde houden en inrichten voor de toekomst. Bedrijven willen weten hoe de afzetmarkt voor energie- en CO2-besparende technieken zich ontwikkelt. De rijksoverheid wil de voortgang van de transitie kunnen volgen om tijdig te kunnen bijsturen.

Datasets in de nulsituatie
Als al deze actoren kunnen beschikken over relevante data en de benodigde informatie sneller en tegen lagere (zoek)kosten kunnen vergaren, kunnen ze goed onderbouwde besluiten nemen over hun bijdrage aan de energietransitie. Als er geen betere data beschikbaar zijn in de nul-situatie, wordt de uitvoering gehinderd. Discussies over te voeren beleid kunnen niet met cijfers worden ondersteund en de betrouwbaarheid van statistieken neemt af. Alleen daarom al is het van belang om de informatievoorziening te optimaliseren.
Veel relevante data worden door uiteenlopende organisaties verzameld en op uiteenlopende wijzen ontsloten; daardoor kost het veel tijd, moeite en geld om de gewenste gegevens te verzamelen. Kengetallen en methoden (voor bijvoorbeeld CO2 accounting) zijn niet eenduidig en gevalideerd, waardoor de uitkomst van modelberekeningen voor een RES of voor warmteplannen aan eenduidigheid inboet. De ruimtelijke detaillering van data is regelmatig te beperkt om voldoende precieze berekeningen te kunnen maken. Bovendien zijn er doublures tussen verschillende bronnen zonder dat duidelijk is waar verschillen door worden veroorzaakt. Door verschillen in gehanteerde definities leidt de combinatie van data uit verschillende bronnen ongemerkt tot inconsistenties. Soms zit wet- en regelgeving over toegestaan gebruik van data de toepassing voor ondersteuning van de energietransitie in de weg.

Wat is er nodig?
Het op orde brengen van de informatievoorziening om de energietransitie te faciliteren is een langetermijnopgave. In 2019 werden drie uit te voeren activiteiten voorgesteld. Een virtueel informatieplatform, een traject om belemmeringen in wet- en regelgeving op te heffen en ten slotte prioritering.

RES-regio’s volgens het Klimaatakkoord.

 

Nog geen landelijk platform 
Het eerste plan is vooralsnog niet uitgevoerd. Er zou vanuit een samenwerkingsverband een virtueel informatieplatform moeten worden opgericht om stapsgewijs de structurele belemmeringen rondom de beschikbaarheid en bruikbaarheid van data op te lossen. Het platform moet één plek worden waar ministeries, gemeenten, regio’s, provincies, netbeheerders, woningcorporaties, bedrijven en burgers de informatie kunnen vinden die zij nodig hebben om op efficiënte wijze én tegen zo laag mogelijke maatschappelijke kosten hun bijdrage aan de energietransitie en de vermindering van de uitstoot van broeikasgassen te kunnen leveren. Dit platform zou informatie moeten aandragen over regie en samenwerking, vernieuwing (data-technologische innovatie en nieuwe informatieproducten) en datamanagement (het koppelbaar, vindbaar en beschikbaar maken van gegevens).

Belemmeringen wet- en regelgeving
Het VIVET-rapport stelde voor een apart traject te starten om de belemmeringen in de wet- en regelgeving op te heffen om bestaande data breder in te kunnen zetten dan nu toelaatbaar is. Dit voorstel lijkt vrijwel direct te zijn opgepakt. Enkele decentrale overheden herkenden de eis om keuzes voor de energietransitie in de instrumenten van de Omgevingswet te verankeren. Acht proefgemeenten, Den Haag, Tilburg, Súdwest-Fryslân, Zoeterwoude, Goes, Groningen, Boxtel en Maastricht hebben daar al in 2019 ervaring mee opgedaan. Deze gemeenten zijn, in opdracht van het ministerie van BZK aan de slag gegaan met de eigen ambities rond de energietransitie en de vertaling van deze doelen en ambities naar de instrumenten van de Omgevingswet.

Eindrapportage kennis- en leertraject energietransitie & Omgevingswet.

 

Topsector Energie
Ook de Topsector Energie dook op de belemmeringen van wet- en regelgeving. Zo is er een Experimentregeling voor decentrale duurzame elektriciteitsopwekking en met de interactieve Green Deals Energie-werkwijze wil de overheid vernieuwende, duurzame initiatieven uit de samenleving de ruimte geven door knelpunten in de wet- en regelgeving weg te nemen, nieuwe markten te creëren, goede informatie te geven en te zorgen voor optimale samenwerkingsverbanden. De Kracht van de regio-aanpak is gericht op versnelling van aansprekende innovatieve energie-gerelateerde projecten met een gezamenlijke aanpak door Rijk en regio. Ook hierbij wordt bezien hoe slim om te gaan met bestaande regels. Hoe dit Topsector-initiatief zich verhoudt met de Regionale Energie Strategie (RES) is niet geheel duidelijk. Ten slotte is er een Financieringsloket dat mkb-ondernemers in de sectoren chemie, energie en ‘biobased economy’ helpt bij vragen en knelpunten op de weg van concept naar markt.

Prioriteren/‘Iedereen Doet Wat’
De derde aanbeveling van het VIVET-rapport is dermate vaag, dat het lastig is om concreet na te gaan of er iets van terecht is gekomen. “Een proces inzetten om met stakeholders de overige voorstellen te prioriteren en overgaan op de uitvoering van geprioriteerde voorstellen.” Intussen lijken de Regionale Energie Strategieën op zichzelf en elkaar aangewezen voor best practices en prioritering. Heeft de Rijksoverheid de handdoek in de ring gegooid? De titel ‘IedereenDoetWat.NL’ belooft geen snelle oplossing voor de roep om een landelijk platform voor energie-gerelateerde data.

Share on facebook
Facebook
Share on google
Google+
Share on twitter
Twitter
Scroll naar top