Succesvolle realisatie nationale databank natuurkarteringen

2 mei 2019

Belangrijke schakel natuurmonitoring gerealiseerd

In welke natuurgebieden hebben we blauwgrasland? Hoe ontwikkelt een natuurgebied zich? Om dit soort vragen te kunnen beantwoorden, is informatie benodigd. Om in deze informatiebehoefte te voorzien is er door BIJ12, Ordina Geo-ICT en samenwerkende provincies, natuurorganisaties en terreinbeheerders hard gewerkt aan een nationale databank voor vegetatie- en habitattypenkaarten: de Nationale Databank Vegetatie en Habitats (NDVH).

Door Rob van Loon, Sanne Bhatti Losekoot en Ivo Eggink 

Van alle natuurgebieden binnen het Subsidiestelsel Natuur en Landschap (SNL) wordt in kaart gebracht welke combinaties van plantensoorten er in het gebied groeien. 

Alle natuurgebieden die vallen onder het Subsidiestelsel Natuur en Landschap (SNL), bijvoorbeeld van Staatsbosbeheer of Natuurmonumenten, worden van tijd tot tijd gekarteerd. Een deskundig ecoloog wordt het veld ingestuurd om op basis van luchtfoto’s een kaart te maken van de verschillende vegetaties in een gebied. Daarbinnen worden dan steekproeven genomen welke combinaties van plantensoorten er in het gebied groeien. Door remote-sensinggegevens te combineren met de steekproeven ontstaat er een beeld van de verspreiding van vegetatietypen in het gehele natuurgebied.
Voortbordurend op deze informatie worden de zogenaamde ‘habitattypenkaarten’ in het kader van Natura 2000 en leefgebieden voor vogels en andere dieren opgesteld. Door deze karteringen regelmatig uit te voeren worden trends zichtbaar en wordt het mogelijk om het gebied gericht en doeltreffend te beheren en waar nodig te herstellen. Het inzicht in de ontwikkeling van natuur- en leefgebieden is van belang voor subsidieverlening en vergunningaanvragen. Een SNL-subsidie kan worden aangevraagd voor het onderhoud aan en de ontwikkeling van natuur en landschap; waarvoor het een vereiste is dat de kwaliteit en status van een natuurgebied in kaart is gebracht. Diverse van de vegetatie- en habitattypenkaarten afgeleide producten worden gebruikt voor het berekenen van het effect van stikstofdeposities en aanverwante kaarten over onderwerpen zoals grondwaterstand en zuurtegraad.

Digitale Keten Natuur
Tientallen organisaties werken intensief samen op het gebied van informatievoorziening voor natuurdoelen. Dit noemen we de Digitale Keten Natuur (DKN). Netwerkpartners binnen de DKN zijn onder meer de overheden en (agrarisch) natuur- en terreinbeheerders (zoals Rijkswaterstaat, Staatsbosbeheer, Natuurmonumenten, de Unie van Bosgroepen en de Provinciale Landschappen). BIJ12, de uitvoeringsorganisatie van de twaalf Nederlandse provincies, heeft de project-uitvoering voor de NDVH op zich genomen.

De Nationale Databank Vegetatie en Habitats bevat uiteenlopende functies voor het doorzoeken van de database. 

Aanleiding
“Binnen de DKN zijn betrouwbare vegetatie- en habitattypenkaarten, een soort ‘Basisregistratie Natuur’, essentieel om de ontwikkeling van natuurgebieden te kunnen beoordelen. Deze vegetatiedata liggen echter versnipperd in verschillende vormen opgeslagen bij de diverse ketenpartners. De NDVH is in het leven geroepen om een centrale opslagplaats voor deze kaarten te bieden”, zegt Ivo Eggink, adviseur informatievoorziening natuur bij BIJ12 en product owner van de NDVH. “Binnen de NDVH worden vegetatie- en habitattypendata eenduidig en met kwaliteitslabel opgeslagen. De belangrijkste functies die ondersteund worden, zijn het uploaden, labelen, zoeken en downloaden van de karteringen. Daarmee wordt de NDVH een belangrijke schakel voor natuurmonitoring binnen Natura 2000, het Programma Aanpak Stikstof (PAS) en het Natuur Netwerk Nederland (NNN).”

Vegetatiekaart met legenda.

Datakwaliteit
“De NDVH controleert het kwaliteitsniveau van aangeleverde karteringen”, legt Eggink uit. “Zitten de juiste bestanden in de aanlevering? Zijn de metadata correct? Volgt de kartering de standaard voor het uitwisselen van natuurgegevens? Bevatten bepaalde velden toegestane waarden? Volgen de verschillende kaartlagen de regels voor topologie? Wanneer de kartering op technisch vlak is goed bevonden, kan de bevoegde partij een controle doen op de inhoudelijke kwaliteit van de kartering. De inhoudelijke kwaliteitsstatus wordt in de NDVH geregistreerd.”

Werkwijze
Vanuit Ordina is een High Performance Team (HPT) voor de realisatie van dit project ingezet. Dit team is specifiek voor deze uitdaging samengesteld en bestaat in basis uit Geo-ICT-medewerkers vanuit de expertgroep ‘Open Source GIS’, aangevuld met een tester en een scrum master.
Voor de inhoudelijke sturing is het team begeleid door de product owners Albert de Graaf (provincie Flevoland) en Ivo Eggink (BIJ12). In nauwe samenwerking is op agile-wijze − in net iets meer dan een half jaar (in tien sprints van drie weken) − de essentiële functionaliteit voor de Nationale Databank opgeleverd. Het resultaat en de samenwerking is daarbij tijdens en na afloop beoordeeld met een 5 uit 5 score, waardoor de inzet van een Ordina HPT als zeer succesvol is te benoemen.

Als HPT is het team erg gericht op samenwerken, feedback en verbeteren. “Iedere drie weken haalden we feedback op van de stakeholders over wat we gebouwd hadden en bepaalden we samen met hen wat het meest waardevolle was om als volgende te bouwen”, zegt Henri van der Horst, scrum master en agile-coach bij Ordina.
Feedback komt ook vanuit het team zelf. “De leden van een HPT kennen elkaar goed. Ze houden rekening met elkaar en helpen elkaar om steeds beter te worden. De scrum-waarden respect en openheid spelen hierbij een grote rol”, licht Van der Horst toe. “Om samen moeilijke problemen te tackelen of nieuwe dingen te leren, hebben we handig gebruikgemaakt van innovatieve samenwerkingsvormen als ‘mob programming’, ‘pair programming’ en ‘liberating structures’.”
Tijdens de laatste sprint review eind januari 2019 werd aan enthousiaste stakeholders gedemonstreerd hoe gegevens in de NDVH werden geüpload en weer konden worden onttrokken – om in één vloeiende beweging door drs. Stephan Hennekes, onderzoeker bij Wageningen Environmental Research (WENR), te kunnen worden geïmporteerd in de applicatie ITERATIO om er bodemcondities voor een geheel Waddeneiland mee te berekenen.

Ingebruikname
De nauwe samenwerking tussen Ordina en BIJ12 heeft geleid tot een complete applicatie om vegetatie- en habitattypenkaarten met elkaar te delen. Nog dit jaar gaat er een implementatietraject van start waarbij de ketenpartners de NDVH in gebruik gaan nemen en worden aangesloten op de NDVH.
“De behoefte aan een landelijke, centrale voorziening was heel groot”, aldus Peter van der Molen, adviseur natuurmonitoring NNN en Natura2000/PAS bij BIJ12. “Dit is een significante stap voorwaarts op het gebied van natuurmonitoring.” De NDVH geeft ecologen, beheerders van natuurgebieden en andere ketenpartners de mogelijkheid om informatie over natuur- en leefgebieden vast te leggen en met elkaar te delen. Hierdoor krijgt de gehele keten een beter inzicht in de status, kwaliteit en ontwikkeling van natuurgebieden en… nu is snel duidelijk waar blauwgrasland te vinden is.

Rob van Loon en Sanne Bhatti Losekoot zijn respectievelijk als Geo-ICT-consultant en Geo-ICT-ontwikkelaar werkzaam bij Ordina. Ivo Eggink is adviseur informatievoorziening natuur bij BIJ12. Voor interesse of vragen is het mogelijk om contact op te nemen met een van de landelijk functioneel beheerders via ndvh@gbo-provincies.nl.

Website Ordina 
Website BIJ12

Comments are closed.