Hoe we Common Ground tastbaar maken

14 oktober 2019

Samen op school

Ik herinner me dat ik de eerste dag op een nieuwe school erg spannend vond. Nieuwe mensen, een nieuwe omgeving en gebruiken zoals voor het eerst koffie drinken. Een school is een plek waar we samenkomen en kennis delen. Het is een voorbeeld van een gemeenschappelijk terrein waar we elkaars gelijke zijn − en dat geeft een veilig en vertrouwd gevoel.

Door Wouter Brokx

Het vereist moed om open partnerships aan te gaan, maar er zijn altijd mensen die samen willen leren en verbeteren. 

School is een plaats waar we samen de beste lessen uit het verleden bestuderen en om dat ons eigen te maken als fundament voor verdere ontwikkeling. Dat is ook de gedachte achter de Common Ground-beweging van VNG: om samen op het gemeenschappelijke terrein te bouwen aan het digitale ecosysteem, zonder de ballast van verouderde systemen uit het verleden.
Laten we eens kijken wat de waardevolle lessen zijn van de Common Ground-beweging, in de analogie van een school. De eerste les gaat over grondstoffen. Data zijn de grondstof van het digitale domein en het fundament van vrijwel alle moderne dienstverlening. Data verdienen een respectvolle behandeling als unieke objecten, net als elk mens uniek is in het fysieke domein. Data zijn uniek en dienen bij de bron eenmalig opgeslagen te worden voor iedereen die de data wil en mag gebruiken. Inmiddels hebben vrijwel alle data een locatie. Dat is een significant detail, want daarmee zijn alle data direct verbonden aan elkaar en aan de realiteit. Puur door die eigenschap is er in één klap een verbinding tussen het digitale en fysieke domein. Die verbinding is er in ruimte, tijd én schaal, de vijf dimensies van data.

Toegang tot data

De tweede les van de Common Ground-beweging gaat over verrijken. Het gaat over toegang tot data via de digitale snelweg in de vorm van services. Hier zijn standaarden en protocollen voor gedefinieerd, zodat de software die daaraan conformeert de data beschikbaar kan maken en verrijken. Een rijk softwareplatform heeft alle tools en engines om toepassingen te maken (de volgende stap), en connecties naar en integratie met andere systemen mogelijk te maken. Het platform dient open te zijn en gebruik te maken van API’s, zodat iedereen verder kan bouwen op hetzelfde fundament.
De derde les gaat over het product. In het digitale domein is het product een applicatie, waar één of meerdere processen data via algoritmes opwerken tot bruikbare informatie, en een interface biedt aan de gebruiker om kennis en inzicht op te doen uit deze informatie of om een taak uit te voeren. Er worden hoge eisen gesteld aan de user experience, waarbij driedimensionale visualisatie, analyse en interactiviteit steeds vaker voor vanzelfsprekend worden aangenomen, terwijl de apparaten waar we mee werken mobiel moeten zijn en steeds kleiner worden. Deze hoge eisen vragen om een slimme aanpak en software die de laatste technologische innovatie ondersteunt, zoals Machine Learning en GPU processing.

Op school bestuderen we de beste lessen uit het verleden en dat is ook de gedachte achter de Common Ground-beweging van VNG.

Samen in de banken
De belangrijkste les is misschien niet zozeer de inhoud maar dat we het samen doen. We zitten samen in de schoolbanken. Common Ground is als beweging gestart door de VNG, maar gaat over meer dan alleen gemeenten. Het is een bruikbaar model waar ook burgers, bedrijfsleven en wetenschap in participeren. Dient Common Ground verplicht beleid te zijn voor de overheid en haar toeleveranciers? Ik ben van mening dat iedereen er verstandig aan doet om de waardevolle lessen van school ook toe te passen in hun verdere leven. IMAGEM en Hexagon Geospatial hebben in ieder geval de Common Ground-denkwijze geadopteerd, en haar technologie en aanpak afgestemd op het principe van ‘data los van applicaties’. We pakken dit concept beet vanuit onze drie vaste thema’s − data automation/analytics & AI, digital twin en datagedreven sturen – en daarmee kunnen met 5D-locatiedata alle maatschappelijke uitdagingen worden aangevlogen. De drie bijbehorende softwareplatforms leveren de technologie (tweede les) om oplossingen te bouwen en integreren, die unieke 5D-data veilig verbinden en vertalen naar informatie en werkprocessen.
Wij geloven dat we de oplossingen samen moeten maken, en om co-creatie te faciliteren tussen overheid, bedrijfsleven en wetenschap hebben we het VALLEY-initiatief gestart. In dit co-creatie platform zijn alle producten en componenten (uit de derde les) na eenmalige ontwikkeling beschikbaar voor hergebruik door de overheid. Zo wordt Machine Learning met GPU processing bijvoorbeeld al gebruikt door WDO Delta om watergangen te inspecteren uit satellietbeelden, en komt de kennis én het AI-model beschikbaar voor de overheid.

Co-creatie
De aanpak van 5D-data, Common Ground-architectuur en co-creatie zit diep verankerd in het fundament van onze technologie en vakmensen. Bij IMAGEM vinden we het belangrijk dat iedereen zich ook in het digitale domein veilig en thuis kan voelen. Dit ondersteunen we door de waardevolle lessen van school te adopteren en unieke mensen te verbinden met unieke data. Net als op elke school is een co-creatie aanpak vaak het meest effectief, maar het vereist moed van alle deelnemers om open partnerships aan te gaan in plaats van een traditionele afnemer-leverancierrelatie tussen overheid en bedrijfsleven. Net als vroeger tijdens de eerste dag op een nieuwe school hebben we de eerste stap gezet. Wij hebben het vertrouwen dat er op gemeenschappelijk terrein medestanders zijn, die geloven wat wij geloven, en samen willen leren en verbeteren. Laten we vooral samen eens een keer koffie drinken.

Wouter Brokx is CEO bij IMAGEM. VALLEY is een co-creatie platform voor de overheid, waar kennis, toepassingen en technologie samenkomen, zie:

Website Imagem Valley

Comments are closed.