Column: Langetermijnstrategie

5 december 2018

Always connected, Digital Twin, Going Digital, mijn hoofd duizelt al bij deze termen. En dan kreeg ik een maand geleden nog zo’n LinkedIn-nieuwsbericht voor de kiezen. ‘JOMO is the new FOMO’, was de titel. Toen was ik echt helemaal de weg kwijt, ik had zelfs nog nooit van FOMO gehoord…

Mocht u ook niet op de hoogte zijn: FOMO = Fear Of Missing Out en JOMO = Joy Of Missing Out. Het missing out-deel slaat op het feit dat wij allemaal elkaar angstvallig volgen op social media, opdat wij niets leuks of belangrijks missen.

Zelf heb ik daar niet zo’n last van, ook al omdat ik sommige nieuwe technieken bewust buiten de deur houd. Ik heb bijvoorbeeld nog nooit ‘gewhatsappt’ en ga dit ook niet doen. Wie mij iets wil melden, kan me bellen, mailen of uitnodigen voor ’n bakkie. Ik vrees dat ik, zoals de Engelsen dat noemen, wat dat betreft echt Old School ben (OS). Toch verdien ik al decennialang mijn brood in de digitale wereld. En dat is niet tegenstrijdig, want ik probeer nieuwe ontwikkelingen op hun echte, toegevoegde waarde te beoordelen. Maar iets nieuws is niet automatisch ook iets goeds. En zelfs als nieuwe dingen op zichzelf goed zijn, bijvoorbeeld nieuwe versies van software, kunnen ze nog tot problemen leiden. Ik geef een voorbeeld met betrekking tot BIM.

BIM is een passie van mij. Het leidt voor mij geen twijfel dat het van groot belang is om bouwinformatie op verantwoorde wijze, vast te leggen en te delen. En niet alleen voor het terugdringen van faalkosten: BIM is holistisch – het gaat om het beheren van een gebouw, een weg of een brug gedurende de gehele levenscyclus van dit object. BIM omvat alle disciplines, van planning tot en met onderhoud. Dit leidt echter wel tot diverse uitdagingen en één ervan is de vraag hoe houdbaar elektronische data precies zijn. Op zich verouderen elektronische data niet, wat bijvoorbeeld wel gebeurt met papieren documenten. Er is echter wel een ander probleem. Vandaag ontwerpt u een nieuwe brug met software B, versie C. Gedurende het project gebruikt u trouw de nieuwe versies van de software want u wil niet graag de beste nieuwe functies missen (FOMO). Met een beetje geluk wijzigt het dataformaat daarbij verder niet tijdens de projectperiode, zodat het project voorspoedig kan verlopen. Nadat het is afgerond, gaan alle gegevens het digitale archief in. Maar dan… We schrijven 2029. Er komt een uitbreiding op het eerdergenoemde project. Software B gebruikt u nog altijd, alleen werkt u nu met versie W. Deze versie heeft een ander data-formaat. De conversiesoftware kwam mee met versies P en Q. U heeft deze versies bewaard, alleen kent u niemand meer die nog weet hoe ze werkten.

Ongetwijfeld herkent u dit bovenstaande probleem. Helaas, ik heb de oplossing ook niet. Alles opslaan in ASCII of PDF lost het probleem niet op. Wat wel helpt is alles in het digitale archief updaten op het moment dat zo’n verandering van data-formaat plaatsvindt. Alleen… dit is een megaklus en praktisch niet uitvoerbaar. En stel dat je de mensen hebt om dit uit te voeren, wie gaat dit dan betalen?

Het doel van deze column is om u aan het denken te zetten en mijn boodschap is heel eenvoudig. Laat u niet afleiden door FOMO of JOMO of welke hippe afkorting dan ook, maar denk eens na over data op de lange termijn en POKU: de Problems Of Keeping Up.

Met vriendelijke groet,

Jan Blaauboer,

zelfstandig GeoBIM-adviseur

Comments are closed.