Colt International zorgt voor brandveiligheid tunnelbuizen

Colt International zorgt voor brandveiligheid tunnelbuizen

Station Delft klaar voor hoogfrequent spoorvervoer

Veiligheid van de reizigers is een primair uitgangspunt in het openbaar vervoer. Vooral bij de aanleg van ondergrondse trajecten moeten voor het creëren van een veilige omgeving de nodige voorzieningen worden getroffen. Brand is hier de grootste bedreiging; rook en gassen vormen ook ver van de brandhaard een groot gevaar dat een directe bedreiging voor de gezondheid is, maar dat ook het vluchten bemoeilijkt. Het is dus zaak rook en gassen af te voeren en verspreiding tegen te gaan. Specialist Colt International ontwikkelde voor Tunnel Delft de tunneltechnische installaties die dat garanderen.

Door Rob Sman

De uitbreiding van NS-station Delft is een groot project dat onderdeel is van het Programma Hoogfrequent Spoorvervoer (PHS). ProRail beoogt met het PHS op drukke trajecten intensiever treinverkeer mogelijk te maken. Op het traject Rotterdam-Den Haag, waarvan Delft deel uitmaakt, zullen bij voltooiing van dit project in beide richtingen per uur zes sprinters en acht intercity’s kunnen rijden, en zullen dagelijks 40 duizend reizigers in Delft in- en uitstappen.
In 2015 is het nieuwe station Delft in gebruik genomen. Het is onderdeel van het stedenbouwkundig project Spoorzone Delft. Er kwam daarmee een eind aan de (geluids)overlast die het treinverkeer met zich meebracht. Het stationsgebouw is nog bovengronds, maar de perrons en de sporen liggen in een ondergrondse tunnel. Op het traject zijn twee sporen in gebruik die elk in een tunnelbuis liggen. Er zijn destijds al wel twee extra tunnelbuizen aangelegd als onderdeel van de planning voor het voltooien van een vierspoorsverbinding op het traject Leiden-Dordrecht. In deze buizen waren nog geen rails gelegd en ook geen installaties geplaatst. Pas begin 2018 kreeg het plan voor de spoorverdubbeling groen licht. Halverwege 2019 is een aanvang gemaakt met de uitvoering van de afbouw van de twee ongebruikte tunnelbuizen, waartoe ook het voltooien van het tussen de tunnelbuizen gelegen ondergrondse perron behoort.

De afbouw van twee nog ongebruikte tunnelbuizen bij station Delft maken het mogelijk dat in beide richtingen zes sprinters en acht intercity’s per uur kunnen rijden.

Complexe samenhang
De afbouw van de tunnelbuizen in Delft wordt uitgevoerd door Vialis en Van Hattum en Blankenvoort, beide Koninklijke VolkerWessels-bedrijven. Colt International te Cuijk specialiseert zich in oplossingen voor een optimaal en veilig (werk)klimaat en ontwikkelt, levert en onderhoudt systemen voor klimaatbeheersing, zonwering en brandveiligheid.
Stan Veldpaus, projectadviseur brandveiligheid, vertelt met gepaste trots over de bijdrage van Colt International aan ‘Tunnel Delft’. “De uitdaging zit bij dit project in de complexe samenhang van de ruimtes; de tunnels liggen aan weerszijden van het station en ze staan daarmee in open verbinding en vormen zo één groot geheel bestaande uit verschillende bouwvormen die elkaar wederzijds luchttechnisch beïnvloeden, maar waarin de ventilatiesystemen toch perfect geïntegreerd moeten samenwerken. Wij waren ook al betrokken bij de eerste fase en hebben destijds al de nodige engineering gedaan, op grond waarvan het toenmalige ontwerp van de ruimten en voorzieningen is aangepast. Gedeeltelijk wordt dit overigens bepaald door regelgeving. Het ventileren van de tunnels was tijdens de eerste fase al verplicht, maar voor de stationsruimte gold dat niet. Tot een tunnellengte van 500 meter volstaat ‘natuurlijke’ ventilatie, waar ook het verkeer in de tunnel aan bijdraagt, maar bij grotere lengtes moet je mechanisch ventileren. Bij station Delft is ervoor gekozen om dat ook in het station zelf toe te passen.”
De tweede fase waaraan nu is begonnen, lijkt heel erg op de eerste fase. Bij het engineeren zal waarschijnlijk volop geprofiteerd zijn van de bij de eerste fase opgedane ervaring. Veldpaus vertelt desgevraagd: “Sterker nog: wij hebben tijdens het werken aan de eerste fase er eigenlijk al volledig op gerekend dat die tweede fase er ooit zou komen, en dat ook meegenomen in de engineering. Die aanpak betaalt zich nu uit, want de hoeveelheid werk die wij er nu nog aan hebben is zeer gering.”

Luchtstromen
Wanneer Veldpaus het project in grote trekken beschrijft, wordt duidelijk wat voor uitdagingen een dergelijk project biedt op het gebied van luchtstromen. “In een normale situatie, dus als er geen calamiteiten zijn, worden de tunnels in de rijrichting geventileerd, en wordt de daartoe benodigde lucht ook vanaf de bovengrond aangezogen via het station, dat daarmee ook geventileerd wordt. Bij brand in een van de tunnels wordt de rook afgevoerd naar de dichtstbijzijnde uitgang van die tunnel. Als de brandende trein zich tussen de ingang van de tunnel en het station bevindt, moet de richting waarin de zogeheten stuwdrukventilatoren werken snel kunnen worden omgekeerd. Bevindt de trein zich tussen station en uitgang, dan wordt de richting van de lucht in de naastgelegen tunnelbuis omgekeerd, om te voorkomen dat daardoor juist weer de uittredende rook wordt aangezogen. Bij brand op het station wordt in iedere tunnelbuis vanaf het station weggezogen en voeren de in de omgeving van de perrons geplaatste brandgasventilatoren rook en gassen, en natuurlijk ook warmte, naar de bovengrond af.”
Om alles optimaal te laten werken, worden uiteenlopende scenario’s, zowel calamiteiten als ‘normale’ condities, uitvoerig in CFD-software gesimuleerd en geanalyseerd. Veldpaus: “Bij die analyse worden heel veel factoren meegenomen; zo wordt de capaciteit van ventilatie mede bepaald door de noodzaak om de vervuiling (stof) die het treinverkeer veroorzaakt af te voeren, zodat de sensoren van de branddetectiesystemen correct blijven functioneren. De simulaties, die een groot deel van het engineeringtraject vormen, worden in eigen huis door onze stromingsdeskundigen uitgevoerd. De uitkomsten hiervan zijn ruimschoots beter dan wat bereikbaar is met de standaard ProTuVem-software die is uitgegeven in het kader van de Rijkswaterstaat Landelijke Tunnelstandaard.”

Dankzij het Programma Hoogfrequent Spoorvervoer zullen er dagelijks 40 duizend reizigers in- en uitstappen op station Delft.

Best mogelijke toegang 
De optimale rookafvoer op het station, en daarmee het behoud van zicht, biedt reizigers een zo groot mogelijke kans het gevaar te ontvluchten, en brandweer en hulpverleningsdiensten de best mogelijke toegang tot de brand en slachtoffers. Hoe is dat in de tunnels? “Aan alle tunnels zijn vier noodtrappenhuizen gelegen, die alle voorzien zijn van een eigen overdruksysteem dat ervoor zorgt dat rook niet in het trappenhuis kan binnendringen. Ook hier is veel aandacht aan besteed: er zijn verschillende uitvoeringsvormen van deze trappenhuizen en de uitvoering van de installatie is voor ieder trappenhuis apart geoptimaliseerd.”
Alle ventilatoren worden door Colt geleverd en gemonteerd. De tunneltechnische installatie valt onder de verantwoordelijkheid van de VolkerWessels-bedrijven, waarvan Vialis als system-integrator de door Colt geleverde en gemonteerde ventilatieapparatuur verbindt met het door derden geleverde brandveiligheidssysteem. ”Er worden zeer hoge eisen gesteld aan dergelijke apparatuur, die ook gecertificeerd moet zijn. De stuwdrukventilatoren in de tunnelbuizen bijvoorbeeld moeten een uur lang kunnen blijven functioneren bij een temperatuur van 400 graden Celsius. De ventilatoren laten wij in Duitsland produceren en worden in onze werkplaatsen zeer uitvoerig onderworpen aan een acceptance-test. Eenmaal op locatie gemonteerd vindt nogmaals een dergelijke test plaats gevolgd door een site-integration-test, waarbij wordt getest of hij correct werkt als onderdeel van de installatie. Inspectiediensten nemen uiteindelijk de werking van het totale systeem onder de loep en testen verschillende scenario’s. Met name in de site-integration-fase werken wij uiteraard zeer nauw samen met Vialis, dat zich zeer tevreden getoond heeft over zowel de kwaliteit van onze systemen als over onze betrokkenheid en oplossingsgerichte samenwerking tijdens de aanleg van de eerste fase. Voor deze tweede fase verwachten wij niet anders te doen. Wij hechten er ook aan hierbij te vermelden dat wij ons volledig committeren aan de door de opdrachtgever nagestreefde Veiligheidsladder Trede 5”, zo sluit Veldpaus met enige trots af.

Website Colt

Share on facebook
Facebook
Share on google
Google+
Share on twitter
Twitter
Scroll naar top